4.3.6 Natuur en biodiversiteit
Het Havenbedrijf Rotterdam wil de leefbaarheid in en rond de haven verbeteren door de biodiversiteit te versterken. In onze ondernemingsstrategie is dit een van de focuspunten. We nemen verantwoordelijkheid voor onze impact op natuur en biodiversiteit. In de Rotterdamse haven versterken we actief de land- en watergebonden flora en fauna. Het beschreven beleid en de activiteiten vloeien voort uit onze ondernemingsstrategie en onze in september 2025 vastgestelde Natuurvisie. Ze vinden hun besluitvorming via onze governancestructuur.
Beschermde gebieden
Rondom de haven bevinden zich beschermde natuurgebieden, waaronder Natura 2000-gebieden en gebieden van het natuurnetwerk Nederland (NNN). Ieder Natura 2000-gebied heeft doelen om planten, dieren en hun leefgebieden te behouden. Beheerplannen bevatten concrete maatregelen om die doelen te halen.
Stikstofdepositie is een belangrijke factor die de natuur in deze gebieden beïnvloedt; vooral in stikstofgevoelige en overbelaste gebieden. De onderstaande kaart laat zien welke Natura 2000-gebieden in Zuid-Holland daaronder vallen.
Om een vergunning te kunnen krijgen, moeten projecten in de haven hun impact op de Natura 2000-gebieden in kaart brengen. Voor stikstofdepositie geldt een grens van 25 kilometer vanaf het project (zie de kaart). De stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden binnen deze zone zijn:
Solleveld & Kapittelduinen
Westduinpark & Wapendal
Meijendel & Berkheide (alleen zuidelijke punt)
Voornes Duin
Duinen van Goeree & Kwade hoek
Grevelingen (alleen de terrestrische delen relevant)
Krammer-Volkerak
Biesbosch.
Oppervlakte land- en watergebonden natuur in de haven
Overzicht van oppervlakte (per 31 december 2025) van belangrijke bedrijfslocaties van het Havenbedrijf Rotterdam waar effecten plaatsvinden of kunnen plaatsvinden:
789 hectare groen en waterobjecten: grassen, bomen, sloten en waterpartijen in de haven.
483 hectare uitgeefbare terreinen die braak liggen en waar natuur tijdelijk de vrije hand heeft.
376 hectare leidingstroken: zones gereserveerd voor aanleg van (ondergrondse) leidingen.
172 kilometer glooiingen: overgangen naar het grote water, onder invloed van het getij, en het onderwatertalud.
Wij bezitten, huren of beheren bedrijfslocaties nabij beschermde gebieden of belangrijke biodiversiteitsgebieden. De ecologische toestand beoordelen we op basis van:
kwaliteit ten opzichte van referentie,
soortenrijkdom en afwezigheid,
verbindingen tussen leefgebieden.
Effecten, risico’s en kansen
We gebruiken de dubbele materialiteitsanalyse om scherp in beeld te krijgen welke effecten, risico’s en kansen relevant zijn. Havenactiviteiten beïnvloeden ecosystemen en biodiversiteit, en kunnen dieren verstoren. Tegelijkertijd heeft de stikstofcrisis financiële gevolgen voor het Havenbedrijf Rotterdam, omdat het investeringsklimaat in de haven verslechterd. Door de benodigde vergunningverlening worden investeringen door bestaande klanten uitgesteld of niet gedaan, en ook het vestigen van nieuwe klanten staat onder druk. Daarnaast maken we kosten voor de aankoop van stikstofrechten, waarover u in de jaarrekening meer leest. Dit thema is voor ons van groot belang - zowel qua impact als financieel. Uit onze analyse zijn geen kansen naar voren gekomen.
|
Speerpunt: |
In balans met de maatschappij en omgeving |
|
Natuur en biodiversiteit: |
Robuuste natuur en biodiversiteit zijn randvoorwaardelijk voor de gegunde toekomst van de Rotterdamse haven. |
|
|
Havenactiviteiten zoals de aanleg van infrastructuur, exploitatie van windmolens, en baggerwerkzaamheden, hebben invloed op ecosystemen en biodiversiteit en (in)directe verstoring van dieren. |
|
|
De stikstofcrisis gaat gepaard met beperkingen aan de ontwikkeling van de haven en de activiteiten in de haven en legt druk op het investeringsklimaat. Daarnaast zitten er kosten verbonden aan het kopen van stikstofrechten. |
(Potentieel) verstorende havenactiviteiten
Het havengebied kent een rijke biodiversiteit, variërend van beschermde tot niet-beschermde flora en fauna. Onze activiteiten hebben impact op natuur en biodiversiteit. We geven terreinen uit en realiseren infrastructuur voor bedrijven. Het broedvrij houden en bouwrijp maken van terreinen, en sloop- en bouwactiviteiten verstoort de leefomgeving en het (voortplantings)gedrag van dieren. Bomenkap in de haven leidt tot verlies van belangrijke habitats, terwijl baggeren van vaarwegen troebel water veroorzaakt en diersoorten verstoort. Daarnaast komt er door onze werkzaamheden stikstof terecht in omliggende natuurgebieden.
Beleid
In september 2025 stelden we een Natuurvisie voor de komende 25 jaar vast. Samen met Naturalis Biodiversity Center zetten we hierin een koers uit om natuur en biodiversiteit in en rond de haven te versterken. Het doel: een natuurinclusieve haven in een vitale Rijn-Maasdelta. Dit past goed bij internationale afspraken (COP15) die zijn gemaakt om biodiversiteitsverlies tegen te gaan. De visie biedt het kader voor hoe we natuur en biodiversiteit meenemen in ons dagelijks werk. Voor de natuurvisie spraken we door middel van workshops met veel verschillende partijen, waaronder lokale belanghebbenden en natuurorganisaties. Dit heeft geleid tot het verkrijgen van lokale en unieke inzichten die hebben geholpen bij de totstandkoming van de natuurvisie. We werken natuurinclusief vanuit drie pijlers:
ruimte voor natuur,
het terugdringen van drukfactoren en het verbeteren van de basiscondities,
het integraal verankeren van natuur in de organisatie en processen.
We gaan hiermee een stap verder dan alleen voldoen aan de wet- en regelgeving; we zetten actief in op versterking van natuur en biodiversiteit in een deel van onze projecten.
Onze visie is: 'Samen met stakeholders versterken we natuur en biodiversiteit in en rond de haven en realiseren zo een natuurinclusieve haven in een vitale Rijn-Maasdelta'. De Natuurvisie richt zich niet alleen op het havengebied, maar ook op de omliggende natuur. Goede natuurkwaliteit is namelijk steeds vaker een randvoorwaarde voor ontwikkeling en transitie.
De haven maakt deel uit van het Rijn-Maasestuarium en heeft daar de afgelopen 150 jaar aantoonbaar invloed op gehad. Daarom biedt de visie handvatten om actief bij te dragen aan projecten die de natuur versterken in een gebied dat reikt tot 25 kilometer landinwaarts en 60 kilometer zeewaarts.
De Natuurvisie kent zeven landschappen en twee zones. Het westelijk havengebied kenmerkt zich door het kust- en duinlandschap. De oudere stadshavens van Rotterdam en Dordrecht behoren tot het stadsnatuurlandschap. In het tussenliggende gebied verbinden het boslandschap en het bestuiverlandschap de verschillende delen van de haven. De havennatuur bestaat voor een groot deel uit water dat onder invloed staat van getij en wisselende zoutgehaltes. Afhankelijk van het zoutgehalte wordt de haven gerekend tot het ‘mariene rotskustlandschap’ (ten westen van de Botlek) of tot het getijdenlandschap. Van west naar oost loopt ook de trekviszone door de haven, terwijl van noord naar zuid de trekvogelzone over vooral de Maasvlakte loopt.
Natuurvisie in de schijnwerpers |
|
|---|---|
|
In het kustlandschap vergroten en verbeteren we broedgebieden van kwetsbare kustvogels, zoals sterns en plevieren. Dat doen we onder andere door de aanleg van nieuw broedgebied en het beschermen van broedgebieden tegen roofdieren en het beperken van recreatiedruk. Havenactiviteiten zoals vrachtverkeer verstoren vogels nauwelijks. In het duinlandschap breiden we de oppervlakte uit met typische duinvegetatie en bijbehorende fauna, met behoud van de kenmerkende bodem. Dit gebied is internationaal belangrijk als broedgebied voor grote meeuwen, zoals de zilvermeeuw. Ook hier verminderen we de ’roofdruk’ en creëren we extra broedruimte op openbaar terrein. De Maasvlakte is bovendien van vitaal belang als rustplek voor trekvogels. We zorgen ervoor dat deze rustplekken behouden blijven. |
|
Doelstellingen
Biodiversiteit is verankerd in onze ondernemingsstrategie. Het Havenbedrijf Rotterdam heeft als doel een natuurinclusieve haven in een vitale Rijn-Maasdelta. We zijn bezig met het opstellen van een passende doelstelling die we kunnen meten.
Activiteiten
Ieder deelgebied kenmerkt zich door zijn eigen habitats en bijbehorende soorten. Om habitats en leefgebieden van al dan niet beschermde soorten te versterken, stelden we samen met Bureau Stadsnatuur per deelgebied een toolbox met natuurinclusieve maatregelen op. Die toolbox is beschikbaar voor iedereen die in de haven projecten uitvoert.
Om schade aan beschermde soorten te voorkomen, werken we volgens duidelijke werkafspraken en een soortmanagementplan (SMP). Onze klanten kunnen daar ook gebruik van maken. Dankzij de Natuurvisie profiteren ook niet-beschermde soorten van gerichte maatregelen die verstoring verminderen en natuur versterken. Zo is natuurinclusief werken steeds vanzelfsprekender in onze projecten.
We monitoren via representatieve steekproeven de soortensamenstelling, verspreiding en ontwikkeling van dagvlinders, sprinkhanen, bijen en planten op grazige vegetaties in de buitenruimte en op leidingstroken. Het 'Managementplan beschermde soorten havengebied' geeft per wettelijk relevante soort (zie Rode-Lijstsoorten flora en fauna) een overzicht van maatregelen bij werkzaamheden, inclusief timing, mitigatie en compensatie. Dit plan beschrijft alle strikt beschermde soorten en biedt een kader dat hun duurzame voortbestaan in het Rotterdamse havengebied waarborgt, zonder economische ontwikkeling te belemmeren. Een goede planning en risicobeperkende of compenserende maatregelen zijn belangrijk. Monitoring via de Havenscan maakt bijsturing mogelijk en geeft inzicht in populatiegezondheid, areaal en uitstervingsrisico.
We stemmen metingen van flora en fauna af op specifieke soorten. Jaarlijks inventariseren we broedplekken van beschermde vogels en tellen zeezoogdieren op vaste rustplaatsen. Bekende en potentiële groeiplaatsen van flora bezoeken we tijdens de bloeitijd; steenglooiingen en kademuren inspecteren we eens per vijf jaar op beschermde varens. Tijdens deze bezoeken tellen of schatten we aantallen. Onder water monitoren we biodiversiteit op kademuren, taluds en nautische infrastructuur, en onderzoeken we periodiek de vissoorten in de haven. Veranderingen in flora en fauna zijn niet direct te koppelen aan havenactiviteiten.
Steur terug in de Rijn |
|
|---|---|
|
In september 2025 kreeg de Rijn er 90 jonge Europese steuren bij. Bij het Visserijmuseum in Woudrichem begonnen deze oeroude vissen aan hun reis richting de Noordzee. Gemerkt met een speciale tag, keren ze – als alles goed gaat – over enkele jaren terug om te paaien. De uitzetting is onderdeel van een ambitieus herintroductieproject van onder andere het Wereld Natuur Fonds, Sportvisserij Nederland en ARK Rewilding Nederland. Ook Diergaarde Blijdorp, RAVON én het Havenbedrijf Rotterdam dragen actief bij. Wij ondersteunen de bouw van een opkweekcentrum waar jonge steuren kunnen wennen aan het Rijnwater. Zo dragen we ons steentje bij aan een gezonde rivier die ruimte biedt aan trekvissen. |
|
Ezels helpen bij natuurbeheer in het Geuzenbos
In het Geuzenbos startte in 2025 een bijzondere proef: drie Spaanse ezelinnen dringen woekerende duindoorn terug op leidingstroken. Deze stroken moeten kort blijven voor de veiligheid van leidingen die olieproducten, chemicaliën en gassen vervoeren. Duindoorn maakt dat onderhoud kostbaar en arbeidsintensief. Ezels bieden een natuurlijke oplossing. Na gezondheidscontroles en een gewenningsperiode lopen de dieren nu vrij rond in het 29 hectare grote gebied tussen Europoort en Voorne-Putten, waar ook taurossen grazen. Het ras Zamorano-Leonés is ideaal: het eet graag ruige, doornachtige planten en kan tegen barre omstandigheden. In Spanje helpen deze ezels door hun graasgedrag zelfs bosbranden voorkomen. De proef duurt minimaal een jaar om hun effectiviteit in alle seizoenen te meten. Naast kostenbesparing versterkt dit initiatief de biodiversiteit en past het bij het ecologisch beheer in de haven. Voor omwonenden en bezoekers zijn er informatieborden met omgangsregels. Veiligheid en dierenwelzijn staan centraal, terwijl wij inzetten op een duurzame, innovatieve aanpak.
Herstel oesterriffen in Rotterdam
In de Rotterdamse haven startte in 2025 het herstel van platte oesterriffen onder de naam RESO. Deze riffen, ooit wijdverspreid in de Noordzee, verdwenen door menselijke invloed en ziektes. De oesterlarven worden gekweekt in een container met Noordzeewater en stenen. De larven hechten zich aan de stenen, die vervolgens op een rustige plek in de haven worden uitgezet. Zo bouwen we aan een robuust rif dat bijdraagt aan natuurherstel én klimaatbestendigheid. In samenwerking met TenneT, ARK Rewilding Nederland, en het programma De Rijke Noordzee (DRN), blijven we de komende jaren inzetten op grootschalig rifherstel en opschaling van deze techniek. Ook in de haven versterken we de oevers en de waterbodem op een natuurlijke manier.
Beschermen meeuwenkolonies |
|
|---|---|
|
In 2025 beschermden we diverse meeuwenkolonies tegen roof van eieren en kuikens, door de aanleg van vos werende rasters. Deze rasters zijn zeker twee meter hoog, diep ingegraven in de grond en voorzien van stroom. Hiermee vergroten we het broedsucces binnen de populatie, wat leidt tot groei doordat jonge dieren zich bij voorkeur aansluiten bij succesvolle broedgemeenschappen. |
|
Resultaten
Op dit moment hebben we nog onvoldoende data om betrouwbaar over te kunnen rapporteren over de voortgang van biodiversiteit.
Vooruitblik
We staan voor de uitdaging om uitvoering te geven aan de ambities uit de Natuurvisie. De komende jaren werken we aan het verder versterken van de biodiversiteit en het benutten van nieuwe kansen. In 2026 stellen we een uitvoeringsagenda vast, met concrete maatregelen en een onderzoeksprogramma. Als onderdeel van deze agenda stellen we een aantal doelstellingen vast.