4.3.2 Klimaatadaptatie

Klimaatverandering veroorzaakt zeespiegelstijging en vaker voorkomend extreem weer, met gevolgen voor de haven. Zoutindringing tijdens droge zomers kan invloed hebben op de beschikbaarheid van zoetwater voor de industrie in de haven. Extreem weer beperkt de bevaarbaarheid van rivieren (met name zeer hoog of zeer laag water) en de toegankelijkheid van de haven (stormen). Dit zijn fysieke gevolgen van klimaatverandering. Om deze gevolgen te beperken, spelen we met klimaatadaptatie in op verwachte klimaatrisico’s. Deze risico's kunnen direct gevolgen hebben voor de betrouwbaarheid, veiligheid en beschikbaarheid van haveninfrastructuur en logistieke processen. Ook kunnen ze van invloed zijn op bedrijven in de Rotterdamse haven, bijvoorbeeld de afhankelijkheid van voldoende zoetwater voor de productieprocessen of wateroverlast op bedrijfsterreinen. Zo maken we de haven toekomstbestendig. Het beschreven beleid en de activiteiten vloeien voort uit onze ondernemingsstrategie (new window) en vinden hun besluitvorming in onze governancestructuur.

Effecten, risico's en kansen

We gebruiken de dubbele materialiteitsanalyse om scherp in beeld te krijgen welke effecten, risico's en kansen relevant zijn. Fysieke effecten van klimaatverandering spelen een rol omdat zij gepaard gaan met stijgende investerings- en onderhoudskosten voor haveninfrastructuur en assets. Dit thema is daardoor van financieel belang voor ons. Effecten en kansen zijn ook belangrijk, maar kwamen niet als materieel naar voren. In de afbeelding staat het samengevat.

Speerpunt:

Weerbaarheid, leveringszekerheid en strategische autonomie

Klimaatadaptatie:

Het anticiperen op klimaatverandering, zoals de effecten van zeespiegelstijging en extreme weersomstandigheden.

We bereiden ons voor op de effecten van klimaatverandering door onze haveninfrastructuur en assets klimaatadaptief te maken. Dit brengt extra investeringen en mogelijk hogere onderhoudskosten met zich mee.

Beleid

In onze ondernemingsstrategie behoort klimaatadaptatie tot het speerpunt ‘Weerbaarheid, leveringszekerheid en strategische autonomie'. We onderzoeken middellange- en langetermijn gevolgen van klimaatverandering, brengen de mogelijke effecten in kaart en stellen prioriteiten. In totaal identificeerden we 26 klimaatonderwerpen die effect kunnen hebben op de haven. Zes van deze onderwerpen brengen verhoogde risico’s met zich mee en vragen om extra investeringen in klimaatadaptieve maatregelen. Waar we risico’s zien, verdiepen we onze kennis en nemen we gerichte maatregelen om de (financiële) gevolgen te beperken.

We stellen prioriteiten op basis van veiligheid, de impact op transportstromen, het uitvoeren van onze kerntaken, of het investeringsklimaat. Daarbij kijken we naar de termijn en de kans dat effecten optreden. De volgende zes middellange- en langetermijn klimaatonderwerpen vinden we belangrijk en pakken we planmatig aan:

  1. Zeespiegelstijging: toename overstromingskans bedrijven en openbare infrastructuur;

  2. Zoutindringing en beschikbaarheid zoetwater: beschikbaarheid zoetwatervoorziening voor de industrie;

  3. Extreme regenval: veilige beschikbaarheid van infrastructuur;

  4. Extreme wind: veiligheid afmeren van schepen;

  5. Lage rivierstanden binnenvaartcorridors: bereikbaarheid van het achterland voor de binnenvaart;

  6. Extreem weer: beperkt wordende manoeuvreerruimte op de Noordzee.

Wij maken bij alle nieuwe investeringsprojecten en onderhoudsprogramma’s de afweging om nu extra te investeren in adaptatiemaatregelen. Hetzelfde doen we bij het afsluiten van nieuwe contracten en contractverlengingen.

Doelstelling

Ons doel is het waarborgen van een hoogwaardige haveninfrastructuur en een goede nautische toegankelijkheid. Klimaatverandering kan deze functies negatief beïnvloeden, onder meer door zeespiegelstijging, extreem weer zoals hevige regenval en harde wind, of lage rivierstanden die de beschikbare nautische diepgang beperken. Ook de doorstroming van het wegverkeer kan gevolgen ondervinden van klimaatverandering. Daarom moeten we voorbereid zijn op een veranderend klimaat en waar nodig klimaatadaptieve maatregelen nemen. Vanuit onze strategie hebben wij de afgelopen jaren onze doelstellingen geformuleerd op het handhaven van de kwaliteit (en bereikbaarheid) van onze haven(assets). De voortgang van onze klimaatadaptatiemaatregelen draagt uiteindelijk bij aan het behalen van onze doelen voor het behouden van de kwaliteit en bereikbaarheid van de haven(assets). De jaarlijkse ISO‑certificering helpt ons om de kwaliteit van onze havenassets te beoordelen en inzicht te krijgen in welke acties nodig zijn om die kwaliteit in de toekomst te borgen. De kwaliteit van onze haveninfrastructuur drukken we uit in een cijfer. Het streven voor het cijfer is minimaal een 7 van de 10.

De kwaliteit meten we aan de hand van vijf sub-KPI’s (meer over hoe we de KPI meten leest u hier (new window)):

  1. ISO-certificering;

  2. Percentage van het wateroppervlak op Nautisch Gegarandeerde Diepgang (NGD);

  3. Doorstroom van het wegverkeer op zeven wegtrajecten;

  4. Beschikbaarheid van de walradarsystemen;

  5. Beschikbaarheid Port Community Systeem van Portbase.

Wij realiseren ons dat de relatie tussen enerzijds de effecten, risico’s en kansen zoals wij deze nu zien en hebben geëxpliciteerd, en anderzijds onze doelstellingen en resultaten een meer en meer indirecte relatie hebben. Met het oog op een veranderend klimaat blijven we kritisch beoordelen of onze doelstelling en resultaten de volle breedte van de effecten, risico’s en kansen op het onderwerp klimaatadaptatie dekt. Voor nu blijven wij onze resultaten op de genoemde KPI’s rapporteren, in lijn met onze strategie en zoals in voorgaande jaren. Tegelijkertijd werken we eraan om de relatie tussen de effecten, risico’s en kansen van klimaatadaptatie en onze doelstellingen verder te verduidelijken en waar nodig bij te stellen, zodat we goed inzicht blijven geven in de voortgang op dit onderwerp.

Activiteiten

De planmatige aanpak van de zes middellange- en langetermijn klimaatonderwerpen (zie Beleid) leggen we hieronder per risico uit.

Zeespiegelstijging

De Rotterdamse haven ligt grotendeels buitendijks. Klimaatrisico's voorspellen een zeespiegelstijging van 26 tot 124 centimeter tussen nu en het jaar 2100, wat de waterveiligheid van de haven beïnvloedt. Dit monitoren we op basis van de sub-KPI nautisch gegarandeerde diepgang en de ISO-certificering. Terreinen liggen relatief hoog en stormvloedkeringen bieden gedeeltelijke bescherming. Samen met belanghebbenden ontwikkelden we strategieën om met hoger water rekening te houden en tijdig maatregelen te nemen. Door onze adaptatiestrategie (new window) houden we onze haven waterveilig en toekomstbestendig en beperken we kosten en schade. Drie soorten maatregelen zorgen ervoor dat we voorbereid zijn op de gevolgen van klimaatverandering: preventieve maatregelen, ruimtelijke adaptatie en crisisbeheersing. Dit legden we met de gemeente Rotterdam vast in een samenwerkingsovereenkomst. In 2025 lieten we onderzoek doen naar de toekomstbestendigheid van onze adaptatiestrategie. Uit deze studie kwam naar voren dat bij twee meter zeespiegelstijging onze adaptatiestrategie voldoende is en deze dus kan worden doorgezet.

Binnen de programma's ‘Deltaprogramma Rijnmond-Drechtsteden’ en het ‘Kennisprogramma Zeespiegelstijging’ werken we samen aan waterveiligheid en bereikbaarheid bij hoogwater.

In 2023 is door het directieteam besloten om nieuwe terreinen langs de buitencontour op 6.00+ aan te leggen.

Nederland benut natuurlijke kracht tegen zeespiegelstijging

Nederland kan slim inspelen op de natuurlijke dynamiek van kustgebieden om waterveiligheid te versterken. Door zand en slib op te vangen ontstaan hoger gelegen zones die als robuuste buffer tegen de zee werken. Deze aanpak vergroot niet alleen de bescherming, maar versterkt ook onze unieke deltanatuur. In de verkenning Meegroeien van het Nationaal Deltaprogramma tonen experts hoe natuurprocessen bijdragen aan een veilige toekomst. Brede stootkussens langs kust en zeearmen verkleinen de kans op dijkdoorbraken en beperken gevolgen als ze toch optreden. Ook economieën zoals schelpdierkweek en toerisme winnen bij herstel van natuurlijke dynamiek. Voorwaarde: ruimte om sediment in te vangen. Zo groeit Nederland mee met de zee én behoudt het zijn natuur.

Nationaal Deltaprogramma

Rijnmond-Drechtsteden is een kwetsbaar, economisch belangrijk gebied waar water van zee, rivieren, regen en bodem samenkomt. Voor de waterveiligheid bestaat een voorkeursstrategie binnen het Nationaal Deltaprogramma. Provincie, gemeenten, waterschappen, veiligheidsregio’s, het Rijk en het Havenbedrijf Rotterdam werken samen aan de uitvoering.

Bedrijven en asset-eigenaren in de buitendijkse haven dragen zelf de risico's van waterschade en nemen maatregelen. Wij ondersteunen met voorlichting. Samen met de gemeente Rotterdam en andere partijen ontwikkelden we adaptatiestrategieën om weerbaar te blijven voor overstromingen.

Zoutindringing en beschikbaarheid zoetwater

Door zeespiegelstijging en lage rivierafvoeren neemt de zoutindringing in de haven toe. Dit heeft impact op bedrijven die zoetwater innemen voor hun processen. Inname gebeurt vanuit het zoetwaterbekken Brielse Meer. Samen met het Waterschap Hollandse Delta en het Hoogheemraadschap van Delfland zijn al maatregelen genomen, zoals een verbeterd monitoringssysteem en het realiseren van een extra inlaat. We gaan vervolgonderzoek doen om te bepalen of we nog meer maatregelen kunnen nemen. Het risico monitoren we op basis van de sub-KPI nautisch gegarandeerde diepgang en ISO-certificering.

Extreme regenval

Klimaatverandering zorgt voor intensievere neerslag, wat lokaal wateroverlast kan veroorzaken en de veiligheid van (weg)infrastructuur beïnvloedt. Dit risico monitoren we door middel van de sub-KPI doorstroom wegverkeer. In de haven pakken we geïdentificeerde knelpunten projectmatig aan, zoals het project Wateroverlast op Leidingstroken bij Rijnweg, Petroleumweg, Botlekweg en Vondelingenweg. Samen met ProRail brengen we wateroverlast rond stamlijnen in kaart en nemen we maatregelen. Voor nieuwe projecten, terreinuitgiftes en vestigingen geldt dat regenwater moet worden opgevangen. De Verordening Beheer Ondergrond (VBOR) schrijft voor dat hemelwater niet naar de gemeentelijke riolering mag, tenzij een hemelwaterberging aanwezig en onderhouden is. Artikel 20 verplicht een berging van 50 mm per nieuw verhard oppervlak, die binnen 50 uur na regen weer beschikbaar is. Lozing op open water mag alleen met een vergunning van Rijkswaterstaat. Voor openbare ruimte gelden aanvullende ontwerpeisen voor het watersysteem.

De gemeente Rotterdam stelde het Water- en Klimaatadaptatieprogramma (WKP) op. Dit is een beleidsmatig en financieel kader voor het uitvoeren van maatregelen die nodig zijn om invulling te geven aan wettelijke watertaken: het inzamelen en transporteren van het afvalwater, de hemelwatertaak en de grondwatertaak. In het WKP staat hoe invulling wordt gegeven aan klimaatadaptatie waaronder het thema extreme neerslag. Het WKP is ook voor de haven een kader om te anticiperen op extremer weer.

Extreme wind

Volgens de klimaatscenario's van het KNMI moeten we rekening houden met een toename van het aantal stormen in het Rotterdamse havengebied. Dat kan gevolgen hebben voor de scheepvaart, zoals het veilig afmeren van schepen. Het risico monitoren we op basis van de sub-KPI's beschikbaarheid walradarsysteem en beschikbaarheid Portbase. Grote containerschepen zijn gevoelig voor wind met het risico dat ze los kunnen breken van de ligplaats. Samen met een kennisinstituut investeren we in een betere windverwachting en windonderzoek.

In 2025 plaatsten we in de haven vier nieuwe ultrasone windsensoren op verschillende hoogtes om zo inzicht te krijgen in windpatronen in de haven. Ook namen we een nieuw 3D-model in gebruik dat bij verschillende hoogtes en windrichtingen inzicht biedt in de windsnelheid (zie de afbeelding). Dit model houdt rekening met objecten in de haven en we hebben hiermee tot op lokaal niveau (ligplaats) inzicht in de windsnelheid.

Op het gebied van afmeren zetten we in op bijvoorbeeld slimme bolders, sliphaken waarmee we de troskrachten kunnen meten en ShoreTension-systemen (een innovatief systeem waarmee we de door golven veroorzaakte scheepsbewegingen kunnen verminderen).

Al deze activiteiten samen leveren ons bepaalde inzichten op. We laten dit samenkomen in beslisondersteunende software, waarmee we schepen die potentieel gevaar lopen bij voorspelde wind kunnen waarschuwen. Hierdoor kunnen schepen veilig door de haven varen en afmeren.

Lage rivierstanden binnenvaartcorridors

Door klimaatverandering hebben we vaker te maken met extremen. De verwachting is dat de kans op (te) laag water toeneemt en periodes van droogte langer zullen aanhouden dan voorheen; in 2018 en 2022 hebben we dit al meegemaakt. Waterstanden in de rivieren zoals de Rijn en de Maas zijn dan lager. De binnenvaart kan hier last van hebben. Hierdoor treden logistieke problemen op en worden de transportkosten fors hoger. We staan in nauw contact met relevante partners en zorgen ervoor dat dit onderwerp continu aandacht krijgt, ook in periodes zonder lage rivierstanden. Samen met partners namen we in 2026 deel aan een onderzoek naar weerbare binnenvaartketens. We kijken of we met de actuele diepte van de rivier beter kunnen voorspellen hoe schepen het beste beladen kunnen worden. Dit risico monitoren we op basis van de sub-KPI nautisch gegarandeerde diepgang.

Veilig manoeuvreren op de Noordzee

Door intensiever gebruik van de Noordzee en extreme weersomstandigheden kan de Rotterdamse haven minder goed bereikbaar zijn voor de scheepvaart en neemt de kans op aanvaringen toe. We hebben regelmatig contact met relevante partijen die zich hiermee bezighouden. In 2025 heeft de Internationale Maritieme Organisatie (IMO) ankergebied 5 vergroot en een zogeheten No Anchoring Area aangewezen. Ankergebied 5 is een gebied op de Noordzee voor de haven van Rotterdam waar schepen voor anker liggen voordat ze de haven in kunnen of mogen. De No Anchoring Area is het eerste gebied op de Noordzee met deze status en dit betekent dat wachtende schepen in dit gebied gecontroleerd blijven rondvaren totdat ze de haven in kunnen of mogen. Een No Anchoring Area verkleint het risico dat een schip op drift raakt en dit vergroot de veiligheid op de Noordzee.

Resultaten

In de doelstelling voor de haven is duidelijk vermeld dat de indicatoren die worden gebruikt om de voortgang van de volledige weergave van dit materiële onderwerp te beoordelen, nog in ontwikkeling zijn.

Om consistent te blijven met voorgaande jaren, geeft onderstaande tabel geeft de score op de sub-KPI's kwaliteit haveninfrastructuur weer:

(Kritische) Prestatie Indicatoren

Realisatie 2025

Realisatie 2024

Realisatie 2023

Realisatie 2022

Kwaliteit haveninfrastructuur sub-KPI's:

ISO-certificering

10

10

10

10

% Wateroppervlakte op Nautisch Gegarandeerde Diepgang

10

10

10

10

Doorstroom wegverkeer op zeven wegtrajecten

2

0

1

5

Beschikbaarheid van de walradarsystemen

10

10

7

10

Beschikbaarheid PCS Portbase

8

8

9

9

De combinatie van de fysieke infrastructuur (ISO-certificering, Nautisch Gegarandeerde Diepgang en doorstroom wegtrajecten) en de digitale infrastructuur (walradarsysteem en Portbase) laat zien dat beide onderdelen een belangrijke rol spelen in de infrastructuur van het haven- en industriecomplex. De kwaliteit drukken we uit in een cijfer. Meer over hoe we de KPI meten leest u hier. Het streven voor het cijfer is minimaal een 7,0. In 2025 scoorden we een 8,0. Hiermee is de norm behaald. Ten opzichte van 2024 is de score toegenomen. Ten aanzien van de ISO-certificering zijn er geen afwijkingen geconstateerd ten opzichte van de norm. Wel hebben we een aanbeveling voor verbetering ontvangen van de certificeringsinstantie. Deze aanbeveling heeft betrekking op het monitoren van ontwikkelingen op het gebied van mariene biodiversiteit. We nemen de monitoring mee in de verdere uitwerking van de in 2025 vastgestelde natuurvisie, waarmee we de verbinding tussen de haven en de omgeving willen verbeteren.

Vooruitblik

Klimaatadaptatie vraagt om voortdurende aandacht en een actieve aanpak om de continuïteit en veiligheid van de havenactiviteiten te waarborgen. We volgen onze strategie en werken doelgericht aan een veerkrachtige haven.

Next Next Previous Previous
addtoreport Download
Deel deze pagina: